Estafette in de media

27 augustus 2008

Trouw, zaterdag 23 augustus 2008

Bolt voltooit trilogie met nieuwe toptijd

In de schaduw van de Jamaicanen figureerden de Nederlandse estafettelopers met
een mislukte wissel in de finale van de 4×100 meter.

Fred Buddenberg
Peking

Usain Bolt heeft zijn olympische trilogie voltooid. In de finale van de 4×100 meter vierde het Jamaicaanse loopwonder zijn derde gouden triomf, opnieuw in een wereldrecord. Een dag na zijn 22ste verjaardag kroonde hij zich tot de koning van de Spelen in Peking. Nooit eerder regeerde een atleet zo nadrukkelijk op het olympisch podium. Bolt betrok zijn drie teamgenoten Nesta Carter, Michael Frater en Asafa Powell in het indrukwekkende succes.
„Zij hebben mij het mooiste cadeau gegeven dat ik mij kon wensen”, zei hij na de winnende tijd van 37.10. Met het mondiale record strooide het Jamaicaanse kwartet extra zout in de Amerikaanse wonden. Het oude record wasmet 37.40 sinds 21 augustus 1993 in handen van de Verenigde Staten. De Amerikanen ontbraken in de eindstrijd in het volgepakte ’Vo g e l – nest’. In de halve finale hadden zij zich door een foute wissel buitenspel gezet. Het is niet waarschijnlijk dat zij de overmacht van de Jamaicanen gisteren hadden kunnen breken. Na een perfecte race hadden Carter, Frater, Bolt en Powell bijna een seconde voorsprong op Trinidad and Tobago (38.06). Het brons was voor Japan in 38.15. „Jamaica is demondiale hoofdstad van de sprint”, zei slotloper Powell. „Dit record zullen wij heel lang in ons bezit houden. En dit is nog lang niet het einde van onze dominantie. Wij gaan met z’n vieren volgend jaar keihard door.” Ook Bolt vierde het succes uitbundig. „Drie wereldrecords en drie gouden medailles. Ongelooflijk. Ik heb het gedaan voor mijzelf, mijn fans en mijn land. Het is fantastisch.”
In de Jamaicaanse show speelde Nederland een onbeduidende figurantenrol. Maarten Heisen ging goed weg en stuurde Guus Hoogmoed in de richting van Patrick van Luijk. Bij de tweede wissel ging het mis. Van Luijk vertrok te snel en moest inhouden om het stokje van Hoogmoed aan te nemen. Het viertal liep de race nog wel uit en slotloper Caimen Douglas finishte als zevende in 45.81. Later kregen ze alsnog te horen dat ze waren gediskwalificeerd.
„Het is zuur dat het nu voor de tweede keer tijdens de Spelen misgaat”, zei Douglas. Vier jaar geleden maakte een foute wissel ook een einde aan de illusie van de estafettelopers. Destijds kon Douglas het stokje niet aannemen van Patrick van Balkom, waardoor een finaleplaats in Athene buiten bereik bleef. „We hadden nu afgesproken dat het stokje rond ging, wat er ook zou gebeuren”, zei Douglas. „Al hadden we het stokje uit de tribunes moeten halen.”
De estafettelopers voelen zich al jaren ondergewaardeerd in Nederland. In Peking wilden ze bewijzen dat ze wel degelijk bij de mondiale sprinttop behoren. „Niet veel mensen hebben vertrouwen in ons. Hier hadden we willen laten zien dat er veel potentie in de ploeg zit”, zij een balende Van Luijk, die zich het falen persoonlijk aantrok. „Vaak ga ik juist te laat weg en nu was ik te gretig. En dat juist in een olympische finale.” Het hele jaar ging het stokje bij het
viertal grif van hand tot hand. In grote wedstrijden, zoals gisteren, moeten ze met de wissels veel risico nemen om het tekort aan pure snelheid te compenseren. Douglas: „Door onze wissels stonden we juist in de finale, niet door onze sprintsnelheid. Je calculeert een foute wissel niet in, maar je houdt er wel altijd rekening mee.” Het Nederlandse kwartet was geïmponeerd door de ambiance in het olympisch stadion van Peking. Lopen voor 90.000 toeschouwers doe je niet elke dag en dan ook nog tegen supersterren als Bolt en Powell. „Dit is niet de Gouden Spike in Leiden”, erkende Douglas. „Hoe ik het vond om samen te sprinten met Powell? Toen ik finishte zag ik de Jamaicanen verderop al met de vlag lopen.”

Atletiekunie.nl, 22 augustus 2008

Beijing dag 8: Wisseldrama estafetteploeg, Martineau veertiende

http://www.atletiekunie.nl/index.php?page=1247&nieuwsitem=1824

Door een foute wissel werd de finale van de estafetteploeg een drama. De Jamaicanen liepen een fantastisch wereldrecord. Eugène Martineau eindigde als veertiende in de tienkamp.
Estafettes
Een foute wissel tussen Guus Hoogmoed en Patrick van Luijk leidde tot een mislukt optreden van het Nederlandse kwartet in de finale. Van Luijk vertrok te snel en was onbereikbaar voor Hoogmoed. Caimin Douglas vuurde zijn ploeg aan wel door te zetten en dat leidde aanvankelijk tot een zevende plaats in 45,81. Later volgde echter diskwalificatie, omdat het stokje niet binnen het wisselvak was doorgegeven. Van Luijk aarzelde niet om de schuld op zich te nemen. In de halve finale was hij wat te langzaam weggegaan, nu ging hij te vroeg. ‘En elke pas was raak, ik was heel
snel, dat heb ik nog niet zo gehad dit jaar’. zo zei hij. Volgens de atleten was er niets veranderd in de strategie. De tapes waren op dezelfde plek aangebracht. Wel was het stadion erg luidruchtig, omdat er ook een Chinees team van start ging. Maarten Heisen: ‘Ik denk dat de wissel van mij op Guus iets beter was dan gisteren.’
Hoogmoed: ‘Ik liep lekkerder. De Japanner kwam langszij, maar ik kon hem opvangen en het verschil werd niet groter.’ Hij wilde Van Luijk niet te zeer afvallen. ‘Ik riep nog, maar dat was uiteraard niet te horen in deze heksenketel. Boos worden heeft geen zin, want we moeten toch met elkaar verder. Dit kan gebeuren in een
estafette.’
Van Luijk vertelde dat hij iets gretiger was dan gisteren. Hij raakte ook extra geïnspireerd omdat hij als derde loper Usain Bolt naast zich wist. ‘Terwijl ik natuurlijk de hele week al loop te genieten van de Jamaicanen.’ Caimin Douglas toonde begrip voor het falen van Van Luijk. ‘Het hele jaar lopen we scherp, omdat we ons nog moeten kwalificeren, en gaat het wel goed. Nu gaat het een keer mis. Maar de beste prestatie hebben we gisteren geleverd. Toen hebben
we als zestiende land van de wereld veel grote landen achter ons gelaten.’ Het Jamaicaanse team – Nesta Carter, Mihael Frater, Usain Bolt, Asefa Powell – verbeterde het wereldrecord van de Amerikanen met een zeer grote marge. Het kwartet liep 37,10.
Het oude record stond op 37,40 werd gevestigd door Michael Marsh, Leroy Burrell, Dennis Mitchell en Carl Lewis bij de Olympsche Spelen van Barcelona en een jaar later geëvenaard door Jon Drummond, Andre Cason , Dennis Mitchell en Leroy Burrell bij de WK in Stuttgart (in de halve finale). Trinidad werd tweede in 38,06, Japan derde in 38,15.

AD, 23 augustus 2008

‘Ho, ho, schreeuwde ik’ (AD)
Door Pim Sedee

PEKING – De 4×100 meter estafette eindigde voor Nederland in diskwalificatie. Het kwartet over een mislukte race.

LOPER 1 : MAARTEN HEISEN
,,Toen ik in de tunnel van het Vogelnest liep, gierde de adrenaline al door mijn lijf. We stonden gewoon in de olympische finale. Terwijl we ons met de hakken over de sloot hadden gekwalificeerd voor de Spelen. Ik was gelukkig niet te zenuwachtig, maar gefocust. Ik viel perfect in het startschot en kon mijn snelheid tijdens mijn 100 meter behouden. De wissel met Guus ging goed. Nadat ik het stokje aan hem had overgedragen, dacht ik: ‘Dit wordt een Nederlands record. Kan niet missen. En we komen in de top-5 terecht. Ik hoopte dat andere teams fouten zouden maken, dan was er misschien nóg meer mogelijk.’‘

LOPER 2: GUUS HOOGMOED
,,Het vertrouwen was groot. We hadden het hele seizoen sterk gelopen en perfect getraind voor de Olympische Spelen. De ploeg was net zo machtig als tijdens de WK van 2003 in Parijs. Daar deden we met de besten mee, werden uiteindelijk derde. Ik kon de lekkere start van Maarten voortzetten. Ik liep met de Japanners, de Duitsers en de Brazilianen mee. Dat was een gunstig teken, het ging naar behoren.Totdat ik Patrik zag wegsprinten. Te vroeg, besefte ik meteen. ‘Ho, ho, ho’, schreeuwde ik naar hem. Het had geen nut, 90.000 toeschouwers brachten een orkaan van geluid voort, schreeuwden hun kelen schor voor het Chinese team. Daar kwam ik niet tussendoor. Het gat was te groot om soepel dicht te lopen. Ik kon het stokje niet op tijd aan Patrik geven. Hij moest gaan stilstaan om het nog in het wisselvak te ontvangen. Ik zag niet of dat ook lukte. De concurrenten gingen er vandoor. Geen Nederlands record, geen toptijd.’‘

LOPER: 3 PATRIK VAN LUIJK
,,Ik was gewoon te snel weg. En ik hoorde niemand naar mij schreeuwen. Ik verknalde het. Voelde me meteen schuldig voor het hele team. Een foute wissel, in de olympische finale. Dat is klote. Aan de andere kant, de 4×100 meter is een teamprestatie. Je bent met elkaar verantwoordelijk. Het kan altijd verkeerd lopen. Part of the game he. Ik wilde me graag bewijzen, met de jongens een prachtig resultaat neerzetten. Voor de race was ik zelfverzekerd. Ik stond naast Usain Bolt op de baan op het stokje te wachten. Hij een beetje geinen, wat dansen, het publiek bespelen. En Bolt maakte dat gebaar, alsof die een pijl afschoot. Geweldig. Ik genoot van hem. Ik had helemaal geen vaart meer op het moment dat Guus mij de stok gaf. De wedstrijd afmaken, had in principe geen zin meer voor ons. Maar ik ging door, en liep op Caimin af.’‘

LOPER 4: CAIMIN DOUGLAS
,,Ik had voor de race gezegd: Wat er ook gebeurt, dat stickie moet rond. Al vliegt die in de tribune, wij halen de finish. En toch ging het mis. Net als op de Spelen van 2004 in Athene gebeurde het al in de halve finale. Daar was ik ook bij. Toch verweet ik Patrick niets, terwijl ik daar stond te wachten. Hij is nog zo jong en was daarom misschien te gretig. Wat wil je, hij stond naast een tweevoudig olympische kampioen. Ik was voor de finale al trots dat we dit hadden bereikt. Wat een teamprestatie. We waren de ‘joke’ van de Nederlandse atletiek. Mensen zeiden: Wat hebben die jongens nou te zoeken op de Spelen? Ik wilde per se de finish halen, ook al vreesde ik voor diskwalificatie. Ik vermoedde meteen dat die wissel bij Guus en Patrik te laat plaatshad, maar liet me er niet door afleiden. Ik was naast Asafa Powell aan het wachten op dat stokje, maar heb hem niet meer zien rennen. Toen ik nog moest starten, liepen de Jamaicanen al met de vlag door het stadion. Wat een waanzinnig wereldrecord (37,10). Het was geweldig om daar getuige van te zijn. Daarom ben ik niet teleurgesteld, maar juist trots. Daar doet die diskwalificatie niets aan af.’‘

Telegraaf/P, 23 augustus 2008

Estafetteploeg eindigt op 4×100 meter als zevende, wereldrecord Jamaica

Fatale wissel
PEKING, zaterdag Een beetje beteuterd stond Caimin Douglas erbij, in de catacomben van het Vogelnest. Usain Bolt en Asafa Powell hadden zojuist hun Jamaicaanse teamgenoten op de 4×100 meter aan olympisch goud én een wereldrecord (37,10) geholpen. Of hij er iets van had meegekregen, was de vraag. Douglas, met zelfspot: „Ik zag de Jamaicanen al met de vlag lopen toen ik nog op mijn stokje wachtte.” Het betekende voor Bolt in Peking alweer zijn derde olympische titel en een wereldrecord. Eerder had hij op de 100 meter (9,69) en de 200 meter (19,30) iedereen al naar huis gelopen. Voor de Nederlandse estafetteploeg (Maarten Heisen, Guus Hoogmoed, Patrick van Luijk en Caimin Douglas) eindigde de olympische droom gisteravond bij de tweede wissel, die tussen Hoogmoed en de relatief onervaren Van Luijk. De laatste had zijn zenuwen onvoldoende in bedwang en vertrok te vroeg. Het geschreeuw van
Hoogmoed hielp niet meer. „Natuurlijk voel ik me schuldig. Dit was de olympische finale, niet de Gouden Spike”, baalde Van Luijk. Het stokje werd uiteindelijk alsnog ’thuisgebracht’, waardoor Douglas (31) de kans kreeg voor 91.000 toeschouwers te finishen. De tijd (45,81) deed er niet toe, de klassering (zevende) wel. Douglas: „We hadden elkaar vooraf beloofd hoe dan ook de race te voltooien. Nu staan onze namen tenminste in de uitslag.” Eerder had het viertal van bondscoach Wigert Thunnissen in 38,87 seconden verrassend de laatste acht bereikt, onder andere ten koste van de sterrenformatie van de Verenigde Staten die gediskwalificeerd werd. Daarmee was de belangrijkste
doelstelling bereikt, maar meteen was er hoop op meer. Immers, een estafettefinale is zeker op een groot kampioenschap vaak een loterij. Zo veroverde Nederland vijf jaar geleden tijdens de WK in Parijs met het nodige fortuin brons, overigens pas nadat Groot-Brittannië door de positieve test van Dwain Chambers uit de uitslag was geschrapt. En zo kregen de Belgische sprintvrouwen gisteravond onder aanvoering van Kim Gevaert olympisch zilver in de schoot geworpen, doordat ook huizenhoog favoriet Jamaica in de fout was gegaan. Het was in China de eerste olympische medaille voor België.
De Nederlandse mannen waren minder gelukkig. Al overheerste na afloop vooral berusting. Douglas: „De finale was de kers op de taart. Natuurlijk, we hadden hier graag heel hard willen lopen. Misschien wel een Nederlands record, misschien wel in de buurt van het podium of erop. Maar de grootste prestatie hadden we vrijdag al geleverd. Wij geloofden vooral in de finale, terwijl anderen ons als de ’joke’ van de Nederlandse atletiek zagen.”
De ploeg stond voor de Spelen zeventiende op de internationale ranking, maar werd dankzij afzeggingen van Australië en Zuid-Afrika alsnog door de IAAF uitgenodigd. „En we zijn wel zevende op de Olympische Spelen geworden. Dat kunnen weinig atleten ons na zeggen.”
Hoewel Van Luijk na afloop nadrukkelijk het boetekleed aantrok, kreeg hij van zijn collega’s geen enkel verwijt voor de voeten geworpen. „We kunnen nu wel boos op hem worden of hem de grond instampen, maar volgend jaar is er weer een WK en dan hebben we hem weer nodig. Een foute wissel is nu eenmaal part of the game”, aldus Hoogmoed, die benadrukte dat zij meer dan welke andere ploeg in Peking volledig afhankelijk waren van snelle en scherpe wissels. „Want qua individuele snelheid komen we gewoon tekort. Juist dankzij die scherpe wissels stonden we hier in de finale.” Bovendien, van een nederlaag moet je leren, doceerde Douglas. „Patrick is nu een ervaring rijker. Hij is 23 jaar en dit zijn pas zijn eerste Spelen. Toen ik zo oud was, scheet ik ook in mijn broek in de eerste ronde van een groot toernooi. Nu niet meer, nu was ik heel relaxed. Maar niemand kan hem zijn onervarenheid verwijten.” Volgens Thunnissen hebben zijn sprinters in Peking in ieder geval – opnieuw – aangetoond „dat ze samen tot mooie dingen in staat zijn”. Bovendien denkt hij dat er nog veel winst valt te behalen. „Dan moeten we het zoeken in betere trainingsfaciliteiten en randvoorwaarden. Het zijn allemaal jongens met verschillende trainers. We trainen regelmatig gezamenlijk, maar dat zou nog frequenter kunnen. Je kunt gebruik van elkaar maken, daar wordt iedereen beter van. Ik denk dat daar nog een flinke slag te maken valt.”

ANP, 22 augustus 2008

Heisen, Hoogmoed, Van Luijk en Douglas zevende. WR voor Jamaica [+uitslagen]

De Nederlandse mannenestafetteploeg op de 4×100 meter heeft vrijdag in de olympische finale amper meegedaan. Het kwartet bestaande uit Maarten Heisen, Guus Hoogmoed, Patrick van Luijk en Caimin Douglas kwam wel over de streep, maar de wissel tussen de tweede loper Guus Hoogmoed en nummer drie Patrick van Luijk ging volledig de mist in. Het kwartet finishte als zevende in 45,81. De titel ging, zoals verwacht, naar Jamaica. Het team liep naar het goud in een wereldrecord van 37,10. Het was de derde gouden medaille van Usain Bolt op deze Spelen. Hij won in Peking ook al de 100 en 200 meter in wereldrecordtijden. Voor Nederland was het zestig jaar geleden dat een mannenestafetteploeg op de 4×100 meter de finale van de Olympische Spelen haalde. In 1948 eindigde het viertal
Gabe Scholten, Jo Zwaan, Jan Meijer en Jan Lammers in Londen als zesde en laatste. De enige olympische medaille op dit onderdeel bij de mannen werd in 1924 veroverd: brons. De vrouwen kenden in het verleden meer succes op de 4×100. (ANP)

Limburgs Dagblad, 23 augustus 2008

Scherp wisselen, dat is de kunst

Dertig centimeter lang, vijftig gram licht. Een estafettestokje zal nooit de hoofdprijs voor revolutionaire kunst winnen, maar één keer in de vier jaar kan het goud waard zijn. De Nederlandse 4maal 100 meter-ploeg bleek gisteren in tegenstelling tot de concurrentie handvast en holde verrassend met een derde plaats (38,87) in de
eerste heat de olympische finale binnen. Niets voor niets trainden Caimin Douglas, Maarten Heisen, Guus Hoogmoed en Patrick van Luijk vele uren op het meest cruciale onderdeel van de estafette: het doorgeven van het stokje. Het Oranje-kwartet weet dat het op pure snelheid kansloos is tegen de toplanden en dus moet de winst ergens anders gehaald worden. En dat is, om met boegbeeld Caimin Douglas te spreken, `zo scherp mogelijk wisselen’. „We
hebben het helemaal erin gedrild, iedereen weet precies waar en hoe hij het stokje moet overgeven. Als andere landen daar minder op trainen, dan is dat hun probleem.”
De 31-jarige Douglas doelde met een schuin oog op de teams die in de eerste halve finale als atletiekpupillen met het stokje schutterden. Liefst vier van de acht equipes haalden de finish niet. Met wederom de in dit toernooi zo falende Amerikanen als grootste schlemielen. Tyson Gay, toch niet de minste, greep mis. De Nederlandse ploeg nam bewust veel risico. Doordat de felle lampen van het Vogelnest weerkaatsten op de natte baan was nauwelijks te zien waar de wisselzones van twintig meter lengte waren. Douglas: „Zoiets heb ik zelden meegemaakt. Ik bleef precies binnen de zone. Het was ontzettend moeilijk om iets duidelijk te zien.” Met de kwalificatie krijgt de toch al wonderlijke zomer van de Nederlandse estafetteploeg een onverwacht vervolg. De vier sprinters leken niet eens Peking te gaan halen, toen Australië iedereen perplex liet staan door de eigen ploeg vrijwillig terug te trekken. Waarop gisteren een Russische roulette volgde met een finaleplek als climax.
Omdat in de andere halve finale ook de sterke Britten faalden, mag Team Oranje blijven dromen van een stunt. Slechts vier landen, waaronder favoriet Jamaica, waren gisteren sneller. Douglas: „Zo gaat dat in de estafette. It’s all in the game.” Met de finale wist Nederland in ieder geval de schaamte van Athene 2004 weg, toen de wissel op het moment suprême wél stokte. Oranje hoorde toen zeker niet tot het rijtje kanslozen: een jaar eerder verraste de ploeg op het WK in Parijs met een vierde plaats, die later tot brons werd gepromoveerd na een Brits dopingschandaal.
Wat er vandaag in het Vogelnest allemaal in het vat zit, weten Douglas en zijn kameraden niet, maar één ding is zeker: er zijn beroerdere plekken om de poort naar het weekend binnen te gaan. Patrick van Luijk: „Toen ik het stadion binnenkwam zag ik de mensen op de bovenste rij niet eens. Je rent zomaar voor 91.000 man. Man, dit is een mooi seizoen.”

Volg Maarten op twitter

01 januari

01 januari

Meer tweets

Sponsoren

Sponsor Randstad

Supplier

Supplier Powerbar